Utrechtse paardentram NCS 16

ANBI-gegevens Stichts Tram Museum

Stichts Tram Museum

De officiŽle naam is Stichting Stichts Tram Museum, in de praktijk afgekort tot Stichts Tram Museum, of STM.

RSIN-nummer

Het RSIN-nummer (fiscaal nummer) van de Stichting Stichts Trammuseum is 816107312.

Contact:

E-mail: infostichtingstichtstrammuseum.nl

Secretariaat: Punter 81, 1186 PM AMSTELVEEN.

Bankgegevens: Bankrekening NL70 INGB 0007782622 t.n.v. Stichting Stichts Tram Museum, AMSTERDAM.

Website: https://www.stichtingstichtstrammuseum.nl, beheerder: Rob Kievit

Bestuursleden STM

Bestuurssamenstelling per 26 september 2013.

Voorzitter:
J. van der Hurk, Zandhofsestraat 49 bis, 3572 GB UTRECHT

Secretaris/penningmeester:
A. de Jong, Punter 81, 1186 PM AMSTELVEEN

Leden:
M. Vlaanderen, Gravin Adťlalaan 1, 6871 TZ RENKUM
G. D. v.d. Abeele, Korenbloemstraat 30, 6871 WE RENKUM

Beleidsplan

Het STM beschikt over een gedetailleerd beleidsplan (link naar pdf-bestand).

Beloningsbeleid

Volgens artikel 4 lid 7 van de statuten genieten de leden van het bestuur geen beloning voor hun werkzaamheden. Zij hebben wel recht op vergoeding van de door hen in de uitoefening van hun functie gemaakte kosten. Afgezien van eventuele uitbestede opdrachten, worden alle werkzaamheden uitgevoerd door medewerkers van de stichting zonder bezoldiging.

Verslag van activiteiten

AKTIVITEITENVERSLAG 2018

Het jaar 2018 stond in het teken van de afwerking van aanhangrijtuig 55. Zoals in voorgaande jaren werden de werkzaamheden weer in nauwe samenwerking met RETM/EMA in Amsterdam verricht.

Nadat de balkonhekhuizen en de balkonhekjes van het straalbedrijf waren teruggekeerd, werden zij gegrond, in elkaar gezet en aan het rijtuig gemonteerd. Daarna konden ook de vangen aan de tegenoverstaande deurstijl worden aangebracht. Tenslotte werden de messing handgrepen ter weerszijde van de ingangsdeuren bevestigd en in de metaalvernis gezet. Ook de huizen van de elektrische kacheltjes kwamen van het straalbedrijf terug. Zij werden weer van hun verwarmingselementen voorzien. Tot een montage van deze kacheltjes is het in deze verslagperiode nog niet gekomen.

Het A-balkon werd voorzien van slijtlatten, waarna de vloer verder kon worden afgewerkt. Nadat nieuwe beugels waren gemaakt en geboord, kon op dit balkon de handrem worden geplaatst. De gepolijste koperen zwengel werd in de metaalvernis gezet.

Onder de balkonvloeren werden buizen voor de signaalleiding aangebracht. Nadat de bedrading erdoor was getrokken, kon deze leiding afgemonteerd worden.

Voor de stootkasten bij de overgangsdeuren werden dekplankjes gemaakt. Na gegrond en geschilderd te zijn, werden zij gemonteerd.

Het restant van de raamklinkjes werd schoongemaakt, gepolijst en in de metaalvernis gezet. Daarna werden zij op de raampjes van de windschotten op de balkons gemonteerd. Ook de nog ontbrekende raamroetjes werden op de balkons aangebracht. Tenslotte werden op de schuifdeuren van de separatieschotten de deurgrendels gemonteerd. De binnenzijde van de separatieschotten werd van de nodige (replica)bordjes voorzien.

Voor de baanschuivers werd houtwerk aangeschaft, pas gemaakt, geboord en in de grondverf gezet. Ook werden diverse hoeklijnen en plaatjes gemaakt om de delen onderling te kunnen koppelen en aan het onderstel te kunnen bevestigen.

Het rijtuig werd in de nodige grondlagen gezet, zodat het in het volgend verslagjaar kan worden afgeschilderd. Bij het dak werden de waterlijsten nogmaals geschilderd en het dak zelf van een nieuwe laag Roofacryl voorzien.

Dank zij het feit dat bij de Stoomtram Hoorn Medemblik plafondlampen voor hun Bergense rijtuigen en C290 moesten worden gemaakt, konden drie exemplaren van deze lampen voor EMR 20 worden aangeschaft. Deze zijn van een vergelijkbaar type als ooit in EMR 20 hebben gezeten. Zij zijn echter niet zonder meer bruikbaar: in plaats van ťťn lamp moet er ruimte gemaakt worden voor twee lampen en moeten er ook kortsluitkontakten gemonteerd kunnen worden. Een deel van de veranderingen konden in dit verslagjaar gerealiseerd worden. Het maken van de afdekplaten en de beugels ten behoeve van de montage van de fittingen werd uitbesteed.

Voor EMR 12 werd de tweede schakelkast deels in elkaar gezet.

FinanciŽle verantwoording

Exploitatierekening 2018
  UITGAVEN
100 ADMINISTRATIEKOSTEN    
Bijdrage HRN 20,00  
  Afrekening Betalingsverkeer 84,09  
  Website 36,30  
  Verzending Jaarverslag 36,20  
  Totaal   176,59
 
200 HUISVESTINGSLASTEN    
  Garagebox Utrecht
 (01-01-1 t/m 31-12-18)
1561,50  
  RETM Amsterdam
  (01-07-17 t/m 31-12-17)
411,64
  (01-01-18 t/m 30-06-18) 411,64  
  TS Overloon
 (01-04-17 t/m 31-12-17)
1017,00  
   (01-01-18 t/m 31-12-18) 1356,00  
Totaal 4757,78
 
300 WERKPLAATSKOSTEN/ALGEMEEN    
  IJzerwaren 99,40  
  Verfwaren 86,66  
  Schuurbanden 36,98  
  Huur aanhanger 32,00  
  Totaal   255,04
 
400 RESTAURATIEKOSTEN    
  NBM 20 Plafondlampen 6588,00  
  Totaal 6588,00
NBM 55 Verfwaren 128,32  
NBM 55 IJzerwaren 42,35  
NBM 55 Beugels remkolom 66,55  
NBM 55 Stralen diverse onderdelen 200,00  
NBM 55 Slijtstrip binnendeuren 16,95  
NBM 55 Baanschuifplanken 85,76  
Totaal 539,93
 
TOTAAL UITGAVEN 12317,34
 
INKOMSTEN  
Giften in geld 2880,00  
Giften in natura 8980,67  
Rente 24,34  
 
TOTAAL INKOMSTEN 11885,01
 
EXPLOITATIERESULTAAT -432,33
 
Balans per 31 december 2018
ACTIVA
Motorrijtuig 12 1,00
Motorrijtuig 20 1,00
Motorrijtuig 19 1,00
Motorrijtuig H39 (334) 1,00
Motorrijtuig H46 (339) 1,00
Aanhangrijtuig 43 1,00
Aanhangrijtuig 55 1,00
Bagagewagen 402 1,00
Gereedschappen 1,00
Huisvestingsfonds 24366,84
Liquide middelen 2641,16
Totaal 27017,00
 
PASSIVA
Eigen vermogen 27017,00
Totaal 27017,00
 
Amstelveen, 2 april 2019.
De penningmeester
van de STM, A. de Jong (w.g.)
Goedgekeurd in de
bestuursvergadering van 25 april 2019.
De voorzitter van de STM, J. van der Hurk (w.g.)

Doelstelling

Volgens artikel 2 van de statuten heeft de stichting als voornaamste doelstellingen:

  1. Het verzamelen, restaureren, reconstrueren en zo mogelijk in bedrijfsvaardige toestand brengen c.q. houden van tramrijtuigen en eventueel andere railgebonden voertuigen en bijbehorende attributen, afkomstig van in de Provincie Utrecht opererende of geopereerd hebbende ondernemingen voor stads- en streekvervoer, die vanwege hun historische waarde en in het kader van de bewustwording met betrekking tot ons industrieel erfgoed, bewaard dienen te blijven.
  2. Het verzamelen van informatie over de onder 1. bedoelde bedrijven op zowel historisch als technisch gebied.
  3. Het tonen aan het publiek van een zo compleet mogelijke geschiedenis van betrokken bedrijven.
  4. Het exploiteren van een gebouw of gebouwen als stalling, werkplaats, expositie- en museumruimte.
  5. Het organiseren van ritten met historische tramrijtuigen.